
Nu dat het jaar bijna afgelopen is en de herfst overgaat in de winter kijk ik dankbaar terug op het afgelopen tuinjaar. Ik kan alleen maar zeggen, dank je mijn tuin voor alle vreugde, voor al het genieten. Vaak, als ik buiten ben en in je rondloop, zou ik wel een met je willen worden. Soms lijkt het of je fluistert, alsof je mij verteld wat je nodig hebt, welke planten zorg nodig hebben, waar er disbalans is. Op andere dagen waai je door mij heen en neem ja al mijn somberheid mee. En zodra ik dan in de schaduw van de linde of de appelboom zit, genietend van de warmte van de zon, dan voel ik hoe alle moeheid uit mij stroomt en hoe jij mij verkwikt. Dus dank je lieve tuin voor het afgelopen jaar.
AARDEN
Ik lig hier stil, wijd uit,
de koude weste wind
legt een ijzige witte laag
over mijn zwarte huid.
Ik wacht op de zon met haar
strelend koesterende warmte
die diep in mij doordringt
mij tot leven wekt, dan
woelt en krioelt het in mij.
Kruipende wortels houden
mij bij elkaar groen breekt
mijn zwarte huid open.
Ik kleef aan je laarzen
wil je wortels geven, inlijven,
samen fluisteren en dromen
van hoe mooi het word.
Jij draait je om naar iemand achter je.
‘Kijk!’ zeg je ‘de brandende liefde bloeit.’
Carella van den Berg
